Alle bewoners brengen hun eigen levenservaring en culturele achtergrond mee. Op het Startblok zien we deze diversiteit als een kans voor persoonlijke ontwikkeling. Je leert van elkaars kijk op de wereld, elkaars gebruiken en omgangsvormen.

Tien variabelen van cultuur

Door Philippa Collin, docent Interculturele Communicatie  bij Hogeschool Inholland

Je bewust zijn van jouw eigen culturele bagage, helpt je bij het samenleven met mensen met een andere culturele achtergrond. Wat `normaal’ is voor jou, kan enorm verschillen van wat `normaal’ is voor je buurman. Hieronder vind je tien variabelen van cultuur. In welke culturele waarden herken jij je?

Lees de variabelen hier

Tien tips voor samenleven

Door Hans Kaldenbach, trainer en auteur Interculturele Communicatie (www.hanskaldenbach.nl)

Onderstaande tips kunnen je helpen om op een prettige manier met elkaar samen te leven op Startblok Riekerhaven:

  1. Besef dat het ook in jouw belang is als iederéén zich prettig voelt in de woongroep.
  2. Groepsvorming is normaal. Soort zoekt soort is op zich normaal. Maar pas op dat groepsvorming geen kliekvorming wordt. Dan voelen mensen zich buitengesloten.
  3. In je hersenen zit de pijn van buitengesloten worden op precies dezelfde pijn als de pijn die je voelt als iemand met een mes in je oog steekt. Misschien weet je uit je eigen leven hoe erg buitensluiting is.
  4. Samenleven betekent ook: omgaan met onvermijdelijke ergernissen: Krop ze niet op, maar bespreek je ergernissen. Kom er op een rustig moment mee naar voren. Het liefst onder vier ogen. Maak eerst even een praatje, voor je to-the-point komt.
  5. Wees nieuwsgierig, ook naar taboeonderwerpen. En besef dat de Nederlandse directheid in de hele wereld ongelooflijk bot gevonden wordt.
  6. Probeer je bewust te worden van je eigen eventuele culturele superioriteitsgevoel. Of is het een taboe om het bestaan hiervan als mogelijkheid te veronderstellen?
  7. Iedereen leeft vanuit vele vanzelfsprekendheden. Vanaf hoelaat moet het rustig worden? Hoe luid mag de muziek zijn? Welke taal wordt in bijzijn van anderen gesproken? Wat is een schone vloer? Hoeveel vrienden kan je uitnodigen? Bespreek vanzelfsprekendheden.
  8. Niet alle Nederlanders, Syriërs en Eritreërs zijn hetzelfde. Als je denkt dat je op grond van iemands afkomst (etniciteit) weet hoe hij / zij is (cultuur), dan voelen mensen zich vaak in een hokje gestopt. Etnische afkomst is niet hetzelfde als cultuur.
  9. Is een ander aarzelend, een beetje angstig? Neem zelf het initiatief.
  10. Snap dat voor een immigrant allerlei dingen onduidelijk en ongewoon kunnen zijn.

Een voorbeeld: hoe geef jij `gewoon een hand’?

Door Hans Kaldenbach, trainer en auteur Interculturele Communicatie (www.hanskaldenbach.nl)

De tien kenmerken van `de’ Nederlandse hand:

  1. U loopt met een bijna gestrekte arm op de ander af.
  2. Bij het dichterbij komen moet u uw elleboog buigen. Zo regelt u de ‘juiste’ afstand.
  3. Als u naar de ander toe loopt: aankijken, even wegkijken en dan weer aankijken.
  4. U moet uw réchterhand geven. Als die bijv. in een mitella zit, dan moet u zich excuseren.
  5. U moet uw hand vertikaal houden, anders denken ze dat u dominant bent of ondergeschikt.
  6. Daarna moet u met de ‘oksel’ van uw duim stevig tegen de oksel van de andere duim botsen.
  7. Nu moet u stevig knijpen. Dat vinden Nederlanders niet dominant, dwingend of agressief, ze vinden het prettig ‘ferm’.  Ze vinden u slap als u dit niet doet.
  8. Hoe lang moet u schudden? U schudt éénmaal stevig vertikaal, er komen dan vanzelf twee naschokjes bij. Langer vasthouden vinden ze klef.
  9. Bij het handen schudden moet u ontspannen glimlachen. Een kort hoofdknikje wordt ook op prijs gesteld.
  10. Het is belangrijk dat u uw duim stevig in het zachte vlees van de ander drukt. Dat is als het ware de punt achter de zin. Dan voelt de ander dat u het méént!

Nederlanders zijn zich er niet bewust van dat hun handschudden deze tien kenmerken heeft. Ze denken, net als alle mensen, dat ze ‘gewoon’ zijn.

“Dit is een project voor mensen die echt iets van hun leven willen maken.”

Pim Koot, Socius Wonen

 Word bewoner van het Startblok